Componisten/uitvoerenden: Antonín Dvorák | Leos Janácek
Opnametechniek: Johan Ketelaar
We hebben het niet over de uitvoerenden. Die komen uit Nederland of waren daar ten tijde van dit concert werkzaam. We hebben het wel over de componisten.
Antonín Dvořák verwerkte, geheel in de romantische tijdgeest, elementen uit de Boheemse volksmuziek in zijn werk. Hij deed dat op een voorbeeldige manier, want de ene traditie naast de andere zetten is één ding, maar het is heel wat anders om er een coherente muzikale taal van te maken.
De lat kwam op die manier ook hoog te liggen voor zijn opvolgers in eigen land. Vítězslav Novák, naast componist ook musicoloog, ging door op Dvořáks pad en bleef romantisch componeren. Leoš Janáček richtte zich behalve op de Moravische volksmuziek ook op de Tsjechische taal en maakte zich op die manier uit de romantische traditie los. Dat geldt echter vooral voor zijn vocale muziek. In zijn instrumentale werken, zoals deze vioolsonate, klinkt de stem van Dvořák nadrukkelijker mee.
Een moderne concertbezoeker annex radioluisteraar herkent meteen de naam van Ronald Brautigam, die het hier met de piano opneemt tegen het (inmiddels opgeheven) Orlando Kwartet. In 1990, het jaar van dit concert, kwam hij net kijken. Veel bekender was toen violist Theo Olof. Een man die normaal de Grote Zaal van het Concertgebouw wel vol kreeg, stelde zich nu tevreden met de Kleine.