Met Goebajdoelina wordt de moderne muziek langzaam een open boek.
Over modern klassiek worden lelijke dingen gezegd. Veel mensen moeten er niets van hebben. Maar zo’n intense afwijzing verraadt één ding: de luisteraar heeft interesse. Ergens knaagt het gevoel dat hij of zij deze muziek toch zou moeten waarderen, omdat kenners ermee weglopen, en omdat de moderne componisten de erfgenamen zijn van de traditie waar hij zo aan verknocht is. De luisteraar is geïntrigeerd, en dat betekent per definitie ook: geïnteresseerd.
Bent u nou ook geïntegreerd door de moderne muziek? Wilt u er ook in horen wat specialisten erin horen? Dan is Sofia Goebajdoelina een goed beginpunt. Haar muziek is onmiskenbaar modern, maar haar inborst is romantisch: de emotie spreekt direct uit de noten. Goebajdoelina, afkomstig uit Rusland maar intussen alweer jaren woonachtig in Duitsland, opereert in het spoor van Sjostakovitsj. In verbrokkelde stukken muziek, deels tonaal, deels atonaal, horen we alles wat typisch Russisch is: emotie, wanhoop, berusting en geloof.
Centraal in haar werk staat het christendom. Vaak komt dat terug in de titel, zoals bij In croce. De combinatie van cello en bajan (Russische accordeon) is misschien wel de meest Russische instrumentatie die je ooit zult tegenkomen. Of misschien kan het nog Russischer, als ook de viool erbij komt. Dat gebeurt in Silenzio. De titel zegt alles. De componist doorbreekt de stilte alleen als dat nodig is. Daardoor slaat elke noot in als een bom.
De werken zijn grillig en afwisselend. Een ingewikkeld systeem met notenrijen of toevalsmanipulaties zit er niet achter. Je hoeft niet geleerd te zijn om van deze muziek te genieten. Je moet wel heel goed luisteren. Niet zoeken naar mooie melodieën, maar luisteren naar de pure emotie die maat voor maat kan wisselen.